island-islay-whisky/ardbeg-blasda.jpg
« Terug naar whisky overzicht

  Ardbeg Blasda

 

We weten allemaal dat Ardbeg vol in zijn turf is, maar is de Ardbeg nog in balans houden als je wat van die turf weg haalt? Het antwoord is "ja"! Door het temmen van de gebruikelijke turf niveaus tot een gemiddelde van slechts 8 ppm (in vergelijking met de meer gebruikelijke 24 ppm) kwamen ze uit op de Blasda. Blasda is nog steeds perfect in balans, maar licht, zoet en heerlijk.

In het Gaelic, betekent Blasda 'zoet en heerlijk'. De turf tonen zijn niet overheersend, maar mooi in balans met de fruitige en fleurige aroma’s

Welkom bij de lichtere kant van Ardbeg!



Prijs: € 69.99  inclusief BTW Nu kopen

Proefnotitie Serge Valentin

Ardbeg 'Blasda' (40%)
‘Not a true Ardbeg’, ‘why only 40%?’, ‘too expensive’, ‘weird sounding name’… What didn’t we already hear or read about this new version! But as always, the (well, our) truth will be in the glass… By the way, one can read on Ardbeg’s website that it’s ‘peated to an average of just 8 parts per million phenol (8ppm) compared to the more usual 24ppm.’ Ah, we had thought the regular Ardbegs were peated to 55ppm, unless they’re talking about the phenols in the spirit, which would mean that the Blasda’s ppm in the malted barley would rather be around 15, which wouldn’t be too far from Bowmore’s (+/-20ppm). Pure speculation, eh! But enough ramblings, let’s try it…

Colour: white wine.
Nose: gentle and a tad shy but oddly enough, the first things we get are peat smoke, ashes and soot. Gets then rather lemony, extremely clean and fresh, with notes of lemon balm, green apples and kiwi. Also used matches and quite some iodine. Anybody expecting a virtually unpeated Ardbeg will be disappointed here!
Mouth: rather light but not weak, at least at the attack. Quite some peat again, and then the very same notes as on the nose (green apples, quite some smoke, lemon…) Too bad the middle is weaker, it really drops…
Finish: short to medium, fresh as a baby’s mouth, with an interesting return on full peat in the aftertaste.

Again, there’s quite a lot of peat and it’s very, very good whisky, but it would have deserved to be bottled at 45 or 46% in my opinion. Somewhat lacking body on the palate. 83 points.



Ardbeg Distillery

Opgericht: 1794
Gebied: islay    
Adres: Port Ellen, Islay, PA42 7EA
Eigenaar: Glenmorangie plc
Status: in gebruik
Capaciteit: 1,0  miljoen liter per jaar
Uitrusting: 1 wash stills, 1 spirit stills
Website: http://www.ardbeg.com/




De plek waar de huidige distilleerderij staat, was vroeger een gouden schuilplaats voor illegale stokers en smokkelaars. Een vaste kern van deze mensen bouwde in 1794 een distilleerderij, illegaal natuurlijk. Aan de lol kwam al snel een einde, want ze werden ontdekt en accijnsambtenaren maakten een eind aan hun praktijken. Toch is een van hen in 1815 gaan bouwen aan een legale distilleerderij: John MacDougall. De daaropvolgende dertig jaar, van 1815 tot 1845, zouden er in dit gebied nog negen distilleerderijen worden gebouwd, waarvan onder andere Lagavulin en Laphroaig nog actief zijn.

John MacDougall werd vanaf 1837 bijgestaan door zijn zoon Alexander, die de zaak voortzette onder de bedrijfsnaam Alexander MacDougall & Co. Tot lang na zijn dood bleef deze firmanaam behouden. Pas in 1959, na financiële problemen, werd de naam veranderd in Ardbeg Distillery Ltd. Hierna braken er voor de Ardbeg-distilleerderij een aantal rampjaren aan. In 1973 werd de Ardbeg Distillery Trust opgericht, die eigendom was van Hiram Walker & Sons Ltd (later Allied Distillers) en D.C.L. (Distillers Company Ltd, tegenwoordig United Distillers & Vintners). Deze grote bedrijven vonden het nodig dat Ardbeg bleef produceren omdat Islay-malt in die tijd zeer belangrijk was voor de productie van blended whisky. In 1977 werd Hiram Walker & Sons Ltd (toen net overgenomen door Allied Distillers) de enige eigenaar. Deze firma sloot de distilleerderij in 1981 en de achtien medewerkers kwamen hiermee op straat te staan.

Allied Distillers werd in 1989 eigenaar van een andere distilleerderij op Islay: Laphroaig. Ondanks het feit dat Allied ervoor koos om wereldwijd de malt van Laphroaig te gaan promoten, werd in datzelfde jaar Ardbeg heropend ten behoeve van de productie van malt voor blended whisky. Er werd weer whisky geproduceerd maar de mouterij bleef dicht. De mout kwam vanaf dat moment uit de trommelmouterij van Port Ellen. De mout uit eigen mouterij kon zeer rokerig zijn, omdat in de kilns geen ventilator zat. Daardoor bleef bij windstilte de rook lang in de kiln hangen. Om te voorkomen dat de mout tijdens die windstiltes verstikte, ging er een soort schoepenrad (turner) over de eestvloer heen en weer, om zo zuurstof in de broeiende massa te brengen. Ardbeg werd in 1996 gesloten en te koop gezet en in 1997 gekocht door Glenmorangie Plc. De koper wist dat er veel moest worden geïnvesteerd, maar ook dat hij een distilleerderij kocht met een grote reputatie.

Doordat het Franse LVMH Moët Hennessy-Louis Vuitton in 2004 een aandelenpakket van 52% kocht, kreeg deze groep een
meerderheidsbelang in het voormalige familiebedrijf Glenmorangie. De Amerikaanse distillateur Brown-Forman heeft een aandeel van 16%. De rest is nog in bezit van de familie Macdonald, de vroegere grootaandeelhouders van Glenmorangie Group Plc.

Bron: Brilleman, Robin, De gids 'Schotse Malt Whisky', Amersfoort, Van Wees