island-islay-whisky/bruichladdich-port-charlotte-an-turas-mor.jpg
« Terug naar whisky overzicht

  Bruichladdich Port Charlotte, An Turas Mor

De 2010 release van Port Charlotte is anders dan voorgaande jaren op twee belangrijke manieren: als een multi-vintage gisting en hij wordt gebotteld op 46% in plaats van de vat sterkte van de oudere PC's.

Een Turas Mor (The Great Journey) is bedoeld als een coming-of-age PC, en, zo wordt beweerd, voldoet hij aan Jim McEwan's visie voor het merk. The journey continues...

Prijs: € 44.99  inclusief BTW Nu kopen

Proefnotitie Serge Valentin

Port Charlotte 'An Turas Mor' (46%, OB, 2010)
This one is a multi-vintage version (from 5 to 8 years old, which means 5 years old I guess) and it’s been unfinished. I’d bet unfinished will soon be the new unchilfilttered or uncaramelised in Scotland. The Scots are always extremely good at selling something they do not do, aren’t they, and we punter are ready to pay more for that. Enough ramblings.
Colour: straw.
Nose: Port Charlotte in its naked truth, and believe me it’s an entrancing truth. We’re far from many attempts at making peated malt at distilleries that usually don’t do peat (not specifically accusing anybody here of course, and of course not Arran), or maybe is it because Bruichladdich used to be peated in the old days? This is beautifully clean and superbly mineral, with some paraffin (nice paraffin, not the paraffin that can suggest a flaw), graphite, coal, linseed oil, even motor oil, wet rocks, a little raw wool, earth, then a little fresh mint and dill… gets then sootier, in a perfect manner. A very mineral Riesling-malt, which I just cannot not love. Water: pass.
Mouth: probably a little less zingy than in the nose, and certainly fruitier, with even unexpected notes of rum (rather white). Other than that it’s rather more medicinal than expected, slightly camphory, briny, liquoricy, getting ashier and sootier again after a while. Some liquorice wood as well. Maybe wee tad less distinctive than on the nose but it’s still rather perfect.
Finish: it’s long, clean, warming, rather more herbal and minty. An earthy rootiness in the aftertaste.

Not just peat, Port Charlotte. I’m sure you see what I mean. This with two or three more years will make it above 90 in my book, sure bet (as I’m sure any 9 or 10yo 2001 would). 89 points.



Bruichladdich Distillery

Opgericht: 1881
Gebied: Islay
Adres: Isle of Islay, Argyll PA49 7VN
Eigenaar: Bruichladdich Distillery CO Ltd
Status: in gebruik
Capaciteit: 1,5 miljoen liter per jaar
Uitrusting: 2 wash stills, 2 spirit stills
Website: http://www.bruichladdich.com




In juni 1881 werd er met de bouw van de Bruichladdich-distilleerderij begonnen door de gebroeders William, Robert en John Gourlay Harvey. Het geld kwam uit een fonds dat beheerd werd door hun vader William. Vader William was distillateur in Glasgow en eigenaar van de distilleerderijen Dundashill en Yoker. De bedrijfsnaam was eerst Robert Harvey & Co, maar werd in 1886 veranderd in Bruichladdich Distillery Co (Islay) Ltd, al bezat de familie Harvey nog steeds alle aandelen. In het begin van de twintigste eeuw ging het slechter in de whisky-industrie en in 1929 besloot de familie om Bruichladdich te sluiten. Negen jaar later, in 1938, werd de distilleerderij verkocht aan Hatim Attari, Joseph W. Hobbs en Alexander W. Tolmie, de eigenaars van Associated Scottish Distillers Ltd, onderdeel van Train & McIntyre Ltd, dat op zijn beurt weer in handen was van National Distillers of America. Associated Scottish Distillers kocht in die tijd meerdere distilleerderijen op, zoals Ben Nevis, Benromach en Fettercairn. Tussen 1940 en 1945 lag de productie stil vanwege de oorlog.

In 1952 werd de distilleerderij verkocht aan de whiskyhandelaar Ross & Coulter Ltd. Dit bedrijf werd in 1960 overgenomen door A.B. Grant. In 1961 werden de moutvloeren gesloten. Grant werd vervolgens in 1968 weer overgenomen door Invergordon Distillers Ltd. De nieuwe eigenaar verdubbelde in 1975 het aantal stills en in 1981 werd het honderdjarig bestaan van de distilleerderij gevierd. Ter gelegenheid daarvan kreeg iedereen die verbonden was aan de distilleerderij het boek The Making of Schotch Whisky, geschreven door Michael S. Moss en John R Hume.

Invergordon werd in 1993 overgenomen door Whyte & Mackay. Omdat dit bedrijf alleen geïnteresseerd was in de graandistilleerderij van Invergordon werden de moutdistilleerderijen, waaronder Bruichladdich, in 1995 gesloten.

De enige distilleerderij uit de stal van Invergordon die open bleef, was Isle of Jura. Het personeel van deze distilleerderij werkte in 1998 en 1999 in de maanden mei en juni in Bruichladdich. Al sinds 1990 was Whyte & Mackay onderdeel van het Amerikaanse concern Jim Beam, maar de naam werd pas in 1996 veranderd in Jim Beam Brands (J.B.B.) Greater Europe. Op 22 december 2000 werd de distilleerderij aangekocht door de onafhankelijke bottelaar Murray McDavid en op 29 mei 2001 werd Bruichladdich feestelijk heropend.

Bron: Brilleman, Robin, De gids 'Schotse Malt Whisky', Amersfoort, Van Wees