Imperial Distillery
Opgericht: 1897
Gebied: Speyside
Adres: Carron, Morayshire, AB34 7QP
Eigenaar: Pernod-Ricard
Status: in gebruik
Uitrusting: 2 wash stills, 2 spirit stills
Website: -
Thomas Mackenzie, aandeelhouder in de Dailuaine-distilleerderij, bouwde in 1897 een eigen nieuwe distilleerderij. Hij koos een plek vlak bij de spoor lijn om makkelijk goederen aan en af te kunnen voeren. Deze spoorlijn werd in de jaren '60 ontmanteld. Waar hij vroeger liep, is nu een bekende wandelroute die de naam Speyside Way draagt.
De gebouwen zijn ontworpen door de architect Charles Doig. Deze Charles bouwde eerst een geraamte van ijzeren U-balken en vulde de ruimte op met rode bakstenen, de `red Aberdeen bricks'. Alle tussendeuren werden gemaakt van metaal ten behoeve van de brandveiligheid. Er werd ter ere van Koningin Victoria een gigantische keizerskroon rondom een van de kilns gebouwd. Imperial werd ondergebracht bij de firma Dailuaine-Talisker Distilleries Ltd. In de tweede week van juli 1898 begon de productie, maar een jaar later moest Imperial de deuren alweer sluiten omdat de vraag naar whisky inzakte.
Het ging ook met de rest van Dailuaine-Talisker Distillers Ltd steeds slechter, en na de dood van Thomas Mackenzie in 1915 nam een groep klanten, James Buchanan & Co Ltd, John Dewar & Sons Ltd en John Walker & Sons Ltd, de firma over. Tien jaar later, in 1925, gingen deze firma's samenwerken en vormden ze de Distillers Company Ltd (D.C.L.).
Imperial opende in 1919 de deuren weer. Voor korte tijd, want in 1925 stopte D.C.L. de productie. Jarenlang werd de distilleerderij gebruikt als mouterij, tot aan de Tweede Wereldoorlog. Tijdens deze oorlog werden de gebouwen van Imperial gebruikt als opslag en kazerne voor het Britse leger.
Na de oorlog werden de moutvloeren weer in bedrijf gesteld. De pompen en de switchers boven in de gistkuipen werden met een waterturbine aangedreven. In de jaren 1954 en 1955 werd de distilleerderij geheel gemoderniseerd. Hij werd aangesloten op het elektriciteitsnet en alles werd weer herbouwd voor de productie van whisky. In deze jaren werd ook de door roest aangetaste keizerskroon van de kiln verwijderd. De nieuwe stills werden verhit met kolen, maar werden in 1969 omgebouwd naar verhitting met stoom. In 1967 werden de moutvloeren vervangen door een Saladin box. Tot ditzelfde jaar reed er een stoomlocomotief om kolen, gerst en lege en volle vaten aan en af te voeren tussen Carron Station en de Imperial- en Dailuaine-distilleerderijen.
D.C.L. sloot Imperial in 1985. In 1989 werd Imperial door Allied Distillers Ltd gekocht van United Distillers. De distilleerderij werd heropend in hetzelfde jaar. Sinds mei 1998 is de productie weer voor onbepaalde tijd gestaakt.
Bron: Brilleman, Robin, De gids 'Schotse Malt Whisky', Amersfoort, Van Wees