Lagavulin Distillery
Opgericht: 1816
Gebied: Islay
Adres: Port Ellen, Islay, PA42 7DZ
Eigenaar: Diageo
Status: in gebruik
Capaciteit: 2,4 miljoen liter per jaar
Uitrusting: 2 wash stills, 2 spirit stills
Website: -
Het eiland Islay was voordat in 1823 het vergunningenstelsel werd ingevoerd een paradijs voor illegale stokers en smokkelaars. Rond de plek waar de Lagavulin-distilleerderij nu staat, bevond zich een tiental stills. Twee van deze distilleerderijen gingen in het jaar 1837 samen, waardoor hoogstwaarschijnlijk Lagavulin is ontstaan. De een was begonnen in 1816, de andere in 1817. Op het etiket wordt dan ook 1816 als stichtingsjaar aangehouden. In 1837 werd de distilleerderij gerund door Donald Johnston, een nazaat van John Johnston, die in 1816 een van de twee distilleerderijen had gebouwd.
Captain John C. Graham nam in 1851 de distilleerderij van zijn moeder over. John stierf in 1860, waarna zijn broer Walter zeven jaar de zaak bestierde. James L. Mackie, ooit partner van beide broers, kreeg het tussen 1867 en 1889 voor het zeggen. In 1878 kwam zijn drieëntwintig jaar oude zoon in de distilleerderij om het vak te leren. Zijn naam U later Sir Peter Mackie, ook wel `Restless Peter' genoemd. Peter leerde niet alleen snel het vak van distillateur, maar hij wist als geen ander in die tijd het product te verkopen. Hij nam de zaak van zijn vader over en veranderde de naam van James L. Mackie & Co in Mackie & Co Distillers Ltd. Hij was de uitvinder van de nog steeds beroemde White Horse-blended whisky die tijdens de whisky-boom een van de best verkochte blends was.
De naam White Horse kwam van een café in Isdinburgh, waarvan zijn familie de eigenaar was. Peter Mackie was tot 1907 verkoopagent van het grootste deel van de produc(ie van buurman Laphroaig. Zijn agentschap werd na juridische aI appen door de toenmalige eigenaars van Laphroaig ontbonden, vn een jaar later besloot Peter een eigen `Laphroaig'-distilleerderij te bouwen binnen de muren van Lagavulin. Er werden twee vtills gebouwd die een kopie waren van die van de buurman. De brouwer van Laphroaig werd uitgekocht om in Peters distilleerderij te komen werken. Lagavulin had toen nog een eigen mouterij,
waarin nu ook mout werd geproduceerd die gedroogd werd met alleen turf, ten behoeve van de productie van de `nieuwe' distilIe.erderij, die de naam Malt Mill kreeg. Voor het brouwen werd dezelfde mash tun gebruikt, maar de vergisting geschiedde in aparte wash backs. De whisky was natuurlijk anders dan die van 1 aphroaig, maar `Restless Peter' wist hem toch uitstekend te verkopen. De Malt Mill-distilleerderij werd gesloten in 1960 en ontnianteld in 1962. Peter kocht in 1916 de Craigellachie-distilleerderij, gelegen in de gelijknamige plaats in de Speyside, en in 1920 de Hazelburn-distilleerderij in Campbeltown. Na de dood van Peter, in 1924, werd de firmanaam veranderd in White Horse 1)istillers Ltd en drie jaar later werd de zaak overgenomen door D.C.L., dat in 1930 S.M.D. werd en nu U.D.V is.
Tussen 1924 en 1953 werd de distilleerderij bevoorraad door een ,loonbootje dat de naam SS Pibroch (Gaelic voor doedelzak) droeg. Met dit bootje werden gerst, kolen en lege vaten aangeleverd en volle vaten naar Glasgow gevaren. De bemanning had tijdens de reis tijd genoeg om de hoepels van de vaten een klein stukje te verschuiven en een gat te boren op de plek waar de hoeeioorspronkelijk zat. De whisky die door dit gat uit het vat liep, werd opgevangen in flessen. Vervolgens werd er een stokje, meestal een lucifer, in het gat gestoken en werd de hoepel weer op zijn plaats geschoven. Zo kon het gebeuren dat de heren al voor aankomst flink boven hun theewater waren.
In 1974 werden moutvloeren van Lagavulin gesloten en werd er mout uit Port Ellen betrokken. Begin 1997 werd de productie een aantal maanhen stilgelegd om een nieuwe roerinstallatie in de mash tun te installeren en de productiecapaciteit op te voeren van 850.000 liter per jaar naar 1 miljoen liter per jaar. Sinds 2000 wordt het productieproces met een computer gestuurd en produceert men zeven dagen in de week, vierentwintig uur per dag.
Bron: Brilleman, Robin, De gids 'Schotse Malt Whisky', Amersfoort, Van Wees